Zofona > Zofona Seoul > Stories: English and Dutch > Jos en Trees, 3 jaar Korea > verhalen 2002 > nr 13 nov. 2002

nr 13 nov. 2002


Maandbrief 20021101

Oktober, Korea s mooiste maand. De vochtige warmte is voorbij, maar de zon schijnt volop. De rijstvelden kleuren goud en de bomen worden beginnend in het noorden langzamerhand oranjerood en geel. Het is oogstmaand en ook de maand van de festivals. Kortom, weer veel te beleven!

Innovation week and integration meeting

During the first week of October a large group of colleagues from Europe came to visit Gumi for the first Innovation week in DRL. The Challenge Plaza (the large meeting room) was transformed into a prestigious exposition room where the new developments were shown. The managers and one Union leader opened the exposition. The Union man was very proud to be at the party, but as far as I know, no development member is a union member! Only the shop floor (factory) workers are organized in a special LG Union (that closely cooperates with the LG management). During the week several meetings were held and to my delight (and to all other participants) with good results and relatively big steps in terms of cooperation. It was the opinion of all participants, that this week was the best DRL – PPD meeting ever, especially because our development leaders were clearly showing a heartwarming cooperative spirit for the first time. October 3rd (Gaecheon Jeol or Korean Foundation Day, 2333 B.C) a group of PPD colleagues wanted to escape from their hotel room and we decided to show them the famous Haein-sa (temple) in the Gaya Mountains. They really liked the trip, the beautiful scenery and the Tripitaka Koreana, the antique National Treasure of more than 81000 carved wooden tablets, which are stored in that temple already for more than 500 year. Some interest and knowledge of each other s culture and history enhances the cooperation between the members of our two laboratories. The week was closed with a special event, were several DRL colleagues and some family members showed their musical talents. Especially one violin-playing daughter of about 12 years was amazingly good. Another daughter played Prokofiev s 1st piano sonata almost as a professional. Also the singing by one of the Pilot factory members and the beautiful voice of one of my group members wife deeply impressed me. After the event, during the dinner in the spacious dining hall of the new Century hotel the Europeans were mixed with the Koreans and their family, resulting in a very pleasant atmosphere. In the third week of October again a large number of visitors came to Gumi to talk about a new global cost improvement project. I took part in one of the events and was asked to be the Project leader for implementation of a new, in Gumi developed, tube in 4 other factories (Mexico, France and two in China). This is going to be very interesting: not only for me, but especially for many of my colleagues, because such a global implementation has never been done before by the DRL, but by the Mother factory EDT1. The first task is to prepare a master plan to be presented to the board in Hong Kong in the beginning of November.

Traditionele muziekuitvoering

Na een tip van Lee Ji-yeong, onze Koreaanse lerares, woonden we een traditionele muziekuitvoering bij in het Gumi Art Center (-de Schouwburg-). Vanwege de culturele waarde en misschien omdat anders voor een te geringe belangstelling voor -oude- dingen gevreesd werd, was de uitvoering gratis. De zaal bleek uiteindelijk bijna geheel gevuld, waarbij ook zeer veel schoolkinderen, kennelijk gestimuleerd door de onderwijzers. De uitvoeringen waren echt van hoge klasse met befaamde Koreaanse artiesten (volgens Ji-yeong). Het programma was een combinatie van dans, en muziek. Vooral de muziek wijkt sterk af van de Westerse, vandaar dat ik daar wat over wil uitwijden. Een speciaal soort muziek (eigenlijk een voordrachtkunst) is de Pansori, waarbij een zanger/acteur (m/v) met veel emotie een traditioneel verhaal zingt/vertelt. Het is niet op rijm en een tweede man met een trom voegt een ritme toe en geeft af en toe wat commentaar (zoiets van -O ja?, Werkelijk?, en Jeetje!-). Onze Pansori zanger had die avond een zeer rauwe stem, waarvoor hij zich verontschuldigde, maar die rauwe klanken schijnen niet ongewoon te zijn. Omdat we het verhaal niet konden volgen was de belevenis natuurlijk beperkt, maar de Koreanen kregen een brok in de keel en raakten geemotioneerd en ook bij ons maakte het zeker indruk. Het symfonieorkest van de provincie Gyeongsanbuk-do bleek ook erg interessant vanwege de in het westen onbekende instrumenten.



De belangrijkste zijn de Gayageum (een 12 snarige lange citer zonder klankkast die op de grond ligt en met de vingers wordt aangetokkeld), de Haegeum, een soort viool met 2 snaren en een kleine bolvormige klankkast die rechtop op de knieen wordt gehouden en met een strijkstok wordt aangestreken.



De Daegeum, een bamboe dwarsfluit en het enige instrument met een echt mooie en dragende klank en de Piri s, kleine trompetjes.



Er waren in totaal ongeveer 20 van de citerachtige instrumenten in drie varianten (ook een zessnarige Gumungo en een zevensnarige Azeng die met een stokje werd aangeslagen als plectrum). Van de fluiten en de Piri s waren er 7 in verschillende lengtes en de percussie werd gevormd door een grote pauk en een hol houtblok. Dit orkest begeleidde drie totaal verschillende soorten muziek. Het mooist was een stuk met de Daegeum als solo-instrument: prachtige maar ook verrassende en enigszins melancholieke muziek. Heel bijzonder was de zang door drie dames. Hier gold kennelijk niet de schoonheid van de klank, maar de emotie, dus tamelijk rauwe klanken met veel bijval uit het publiek, zeker bij het zingen van Arirang, een Nationale hymne. De eerste vijf noten van dit traditionele lied vormen ook vijf tonen van de Pentatonische toonladder, die de basis vormt van veel traditionele Koreaanse (en oosterse) muziek. Sinds de Amerikaanse missionarissen in de 19de eeuw de Westerse toonladder geintroduceerd hebben, leren de kinderen nu voornamelijk westerse muziek op school.



Onze bekende componisten zijn ook hier zeer populair bij de pianolessen en ook de pop muziek klinkt behoorlijk westers. Echter, vooral in de provincie Jeollanam-do in het zuidwesten van het land houdt men de traditionele muziek hoog in aanzien en leert men ook traditionele muziek componeren. De uitsmijter was een combinatie met een Samulnori, een orkestje bestaande uit vier traditionele instrumenten, een keihard klinkende kleine gong de Kwenkwari, een grote trom de Buk, een grotere gong, de Dzing en een diabolovormige dubbele trom, de Djanggu.



Dit viertal knalde er gedurende 20 minuten een aantal opzwepende ritmes uit, waarbij het uit zeker 50 leden tellende orkest slechts voor de achtergrond zorgde.

Met Bas en Paul naar Busan

Gedurende twee weken waren zoon Bas en een van zijn beste vrienden Paul bij ons op bezoek. Een gezamenlijk uitstapje naar de havenstad Busan met 4,5 miljoen inwoners gelegen in het uiterste zuidoosten, waar op dat moment de Asian Games (Aziatische Olympische spelen) werden gehouden, bleek een prima keus te zijn. In het hart van de stad in de wijk Seomyon vonden we een Motel met alle bijbehorende attributen (zie vorige maandbrief). De mama-san liet ons de beste kamer zien en we konden de auto parkeren. Nadat we eerst bij het Main stadium van de Asian Games kaartjes hadden gekocht voor de finale torenspringen voor dames s avonds, reden we per Subway naar de Haeundae Beach, een niet al te groot strand, maar met een boulevard en veel vertier. Opvallend en enigszins shockerend was een strandkunstwerk waarmee de aanslag op de twin towers was nagebouwd inclusief een half erin- gedoken vliegtuig en witte vlaggen op het strand eronder recht voor de ingang van het Busan Aquarium.



Dit nieuwe Aquarium was zeker de moeite waard met een plexiglazen onderwatertunnel en als een van de attracties het voeren van levensgrote haaien door enkele duikers. Aan de boulevard vonden we ook een Australisch Steak restaurant, waar we ons hebben verlustigd aan grote, buitengewoon malse biefstukken in een voor Koreaanse begrippen exotische (Australische) sfeer. Daarna als een haas naar het zwemstadion waar we net op tijd waren voor de duikfinale. We zagen vijf gecompliceerde sprongen van 12 dames vanaf de 10 meter toren. Bij de achterwaartse sprong vanuit handstand viel het verschil in esthetiek en techniek op. Alvorens zich naar beneden te laten vallen, bereikten de Noord-Koreaanse meisjes de handstand met volmaakt gesloten benen, terwijl de anderen eerst in spreidstand gingen. De winnaars met overmacht werden overigens toch de piepkleine Chinese meisjes.
De volgende stralend heldere morgen waren wij al vrij vroeg bij de beroemde Jagalchi vismarkt. Kilometers kraampjes met honderden soorten vis en andere zeedieren. Tientallen vissersschepen losten hier aan de kade beurtelings hun vangst na de lading ter plekke te hebben geveild. Vooral voor toeristen een geweldig gezicht. Voor de vissers en de vervoerders ziet het er mijns inziens echter uiterst primitief, zwaar en gevaarlijk uit. Hier zouden ze echt iets kunnen leren van een efficiente visafslag zoals IJmuiden. De hoofdattractie bleek de overdekte vismarkt annex restaurant te zijn. Je zit hier aan smalle tafels die rond waterbakken zijn geplaatst waarin zich allerlei soorten vis bevinden. Je wijst een paar vissen aan en de eigenares snijdt de vis in stukjes en serveert ze dan samen met sla en sausjes. Het lekkerste eten wat Korea volgens mij te bieden heeft. Misschien omdat ze zich een beetje schuldig voelde ons te hebben afgezet, gaf ze ons als service een zg. Gaebul te eten. Deze zeeworm, Urechis unicinctus, is ongeveer 20 cm lang en 3 cm dik en is vleeskleurig. Koreanen (en Japanners) twijfelen daarom niet aan het buitengewoon potentieverhogende vermogen van dit dier. Wij westerlingen moesten even over een drempel, zal ik maar zeggen. Eerst haalde ze een groot exemplaar uit het aquarium, nam hem in haar hand en perste er suggestief een flinke straal water uit. Daarna sneed ze de punt eraf (een rood(!) bloederig tafereel), haalde alle ingewanden eruit en waste het overgebleven rubberachtige velletje goed schoon alvorens het in vier smalle reepjes te snijden en ons voor te zetten. Gedoopt in soja of pepersaus hebben we het allemaal opgegeten, want een onaangename smaak had het beestje niet (eigenlijk had het ding totaal geen smaak). Paul had het er moeilijk mee, maar kreeg zichzelf tenslotte zover om het naar binnen te krijgen door voor en tijdens het eten te blijven prevelen -het is lekker, het is lekker, het is lekker,…-. Na deze maaltijd zijn we naar de Busan Tower gelopen, van waaruit je een groots uitzicht hebt over de haven en het zuidelijke deel van Busan.



Tot onze wederzijdse verbazing ontmoetten we hier Günther, een Duitser die we op Geoje-do hebben leren kennen toen we daar met Roos op bezoek waren. Kortom, een verrassend leuk weekend in Busan en voor herhaling vatbaar.

Werkende vrouwen

Al langere tijd hadden we een etentje te goed van de twee Koreaanse collegaatjes waar we ooit eens een avond mee op stap zijn geweest (o.a. naar de Disco in Gumi). Alle Expats plus de twee Hollandse jongens van dezelfde leeftijd als de dames lieten zich daarom graag uitnodigen bij een eendenrestaurant ergens in de bergen. Leuke sfeer en uitstekende eend! Het gesprek ging hoofdzakelijk over de positie van jonge vrouwen in de Koreaanse bedrijven. Meerdere malen heb ik hierover klachten gehoord, want hoewel zeker zo goed opgeleid als jongens, krijgen ze slechts de mindere baantjes en worden minder betaald. Voor hun dertigste worden ze meestal ontslagen, of krijgen te horen dat ze beter thuis hun kinderen kunnen opvoeden waarna verwacht wordt dat ze de eer aan zichzelf houden. Volgens de Koreaanse wet hebben man en vrouw volstrekt gelijke rechten. In de praktijk wil dat echter nog niet zo. Ze hebben wel minstens gelijke plichten. Zo moest een van de dames de eerste helft van de maand 12 uur per dag werken, inclusief de weekenden om de tweede helft bijna niets te doen te hebben. Vakbonden is een verhaal apart. Bijna ieder groot bedrijf heeft zijn eigen vakbond (behalve Samsung, schijnt het, daar wordt je niet aangenomen als je lid bent). Bij LG (en dus ook LG.Philips Displays) zijn alleen de fabrieksarbeid(st)ers aangesloten bij een vakbond, die echter uitstekende samenwerkt met het bedrijfsmanagement. Volgens een soort poldermodel weten ze inmiddels al meer dan 10 jaar alle conflicten in der minne te schikken. De chef van de afdeling Arbeidsrelaties heeft dan ook de taak om de vakbondsbazen te vriend te houden. Een van de methoden is uiteraard samen drinken, maar er wordt ook veel samen gekaart, waarbij de vakbondsmensen veel geld schijnen te winnen…. Bedrijven als Daewoo vertonen een meer confronterende houding t.o.v. het vakbondswezen, maar daar zijn dan ook veel stakingen en verlies van arbeidsdagen. Het indirecte personeel heeft geen vakbond. Arbeidstijden, gelijke rechten, conflicten met de baas moeten daarom individueel onderhandeld worden, en zijn dus volstrekt afhankelijk van de baas. Het bedrijf kent daarom uiterst stabiele arbeidsverhoudingen. Van enige onrust (behalve dan bij de individuele slachtoffers) is dan ook geen sprake!
De jongens waren duidelijk onder de indruk van zoveel onrecht. De levendige discussie resulteerde dan ook in een afspraak het nachtleven van Gumi te beleven later in de week om het gesprek voort te zetten. Dit uitje heeft bij beide partijen veel inzicht gebracht over elkaars gewoontes en cultuur. De belangstelling van de dames om naar een westers land te verhuizen bleek daarna ook groter dan andersom. Australie lijkt daarbij favoriet. Korea is een heel mooi land, maar je moet er niet afhankelijk zijn van mannen en bazen.

Herfst-uitje naar het uiterste noordoosten

Het tweede (lange) weekend met Bas en Paul hadden we gereserveerd voor een tocht naar Seorak-san, het zonder twijfel mooiste berggebied van Zuid Korea, gelegen in het uiterste noordoosten. Vooral half oktober is het zeer in trek vanwege de herfstkleuren die dan op zijn mooist zijn.



De weg er naartoe leidt via de nieuwe Jungan-expressway via vele tunnels door en langs de nationale parken Weorak-san, Sobaek-san en Chiak-san. Zoals voorspeld waren vele bomen in deze herfsttijd prachtig gekleurd, waardoor je soms geheel oranje bergen kon zien. De laatste honderd kilometer hebben we de mooie kleine weggetjes gekozen waardoor we de onvoorstelbare belangstelling en de bijbehorende files geheel wisten te ontlopen. Uiteindelijk kwamen we vlak ten zuiden van Sokcho bij de oostkust aan en vonden een motel in Mulchi. Bij toeval recht tegenover een overdekte vismarkt, waar we weer uitgebreid onze zelfgekozen rauwe vis konden eten! De regenachtige zondag was niet geschikt voor de geplande bergwandeling en we besloten een tochtje te maken naar de grens met Noord-Korea, zo n 50km naar het noorden. Daar bevinden zich het National Security Unification Park en een Unification Observatory. De weg er naartoe telt een groot aantal nauwe doorgangen die d.m.v. roadblocks kunnen worden afgesloten. Die blokken bevinden zich net in evenwicht op de rand van muren langs de versmalling. M.b.v. dynamietstaafjes kunnen indien nodig de stenen die voor het evenwicht zorgen worden weggeslagen.



Interessante tocht dus. De (mooie) stranden zijn allemaal met prikkeldraad afgesloten. Vanaf het Unification Park kun je na betaling naar het 10 km verder gelegen Observatory rijden. En daar maakt iedereen een familiekiekje met Noord-Korea op de achtergrond. Niets te beleven, maar toch indrukwekkend vanwege de geschiedenis en de huidige sterk toegenomen kans op (misschien wel spoedige) hereniging. De terugweg via binnenwegen naar het midden van Seorak-san bleek minder eenvoudig dan gedacht. De schade t.g.v. typhoon Rusa was nog lang niet gerepareerd. Verschillende wegen bleken onberijdbaar en tientallen bruggen gewoon verdwenen. Meerdere keren moesten we omkeren en een andere weg kiezen, maar uiteindelijk kwamen we toch in de bergen. Daar ontmoetten we de (tien)duizenden automobilisten die, op weg naar huis, volkomen vast in een eindeloze file stonden. Wij blij dat we nog een dag te goed hadden…. Na enige aarzeling namen we intrek in het prestigieuze 5 sterren Kensington hotel, waar we totaal geen spijt van kregen. Alles erop en eraan, met life muziek in de bar en een goede wijn bij het diner in een zaal die geheel gedecoreerd bleek met foto s van het toenmalige gelukkige gezinnetje van Charles en Diana. Toch even schrikken als je die tientallen levensgrote foto s voor je neus ziet. Een absoluut voorbije tijd. Later bleken ook alle boeken in de bibliotheek van de Club fake te zijn. Echter, de Koreaanse eigenaar maakte alles goed met zijn prachtige understatement. Toen hij onze nationaliteit vernam, wist hij zich volkomen te beheersen om vervolgens terloops te zeggen: -We are familiar with Mr. Hiddink- met de juiste intonatie. Prima! De volgende (weer regenachtige) dag wees hij ons ook nog de wandeling naar Bisondae, een beroemde rotsformatie, te zien vanaf een oranje geverfde stalen boogbrug, die je bereikt via wilde bergstromen door een bos vol oranje gekleurde esdoorns en strategisch geplaatste restaurants. Deze prachtwandeling maakten we (helaas) in het gezelschap van enkele honderden andere dagjesmensen (en dat was dus niet eens in het weekend!). Seorak-san is een prachtig gebied waar je eigenlijk een weekje zou moeten vertoeven buiten het seizoen om wat langere wandelingen te maken teneinde de dagjesmensen kwijt te raken. Desondanks hebben we er een zeer goede herinnering aan over gehouden. De terugweg via de Yongdong expressway ging zo vlot dat we de jongens nog Hahae-maul konden laten zien, het aardige Folk village bij Andong dat wereldberoemd is om zijn maskerdansen (en waar de populaire Koreaanse maskers vandaan komen). De nu fel geel gekleurde Gingko bomen en de rijpe goudkleurige rijstvelden gaven het dorp in deze tijd van het jaar een bijzondere sfeer.



Vooral ook omdat we zo ongeveer de enige toeristen waren op dat moment.

Komende presidentsverkiezingen op 19 december

Het is nauwelijks bij te houden. De poging van kandidaat Chung Mong-yoon om MDP kandidaat Roh Moo-hyun te overmeesteren door de meerderheid van de MDP leden voor zich te winnen en met andere partijen een coalitie te vormen lijkt voorlopig gestrand. Zowel kandidaat en voormalig Prime Minister Lee Han-dong als de ULD (United Liberal Democrats) hebben zich voorlopig bedacht om zich nu achter Chung te scharen, omdat zij pas willen oversteken als daarmee de winst van Chung gewaarborgd is. De verkiezingspolls gaven daar nog geen uitsluitsel over, dus wachten ze nog even af (hoezo een beetje opportunistisch?). In plaats daarvan zal Chung op 5 november een nieuwe partij stichten. Roh en de conservatief Lee Hoi-chang van de Grand National Party (GNP) beginnen nu ook inhoudelijk wat meer ideeen prijs te geven, terwijl Chung wat dat betreft zijn kruit droog houdt. Een aardig verschil tussen Roh en Lee is hun houding t.o.v. Noord-Korea en haar geheime nucleaire programma. Beiden vinden dat Noord-Korea moet ontmantelen, maar Lee wil, totdat dat gebeurd is, alle economische hulp voor Noord-Korea stoppen, terwijl Roh juist het Noorden wil blijven helpen met geldelijke steun teneinde de relatie te verbeteren. Het is duidelijk dat MDP er Roh de Sunshine Policy, waarmee de huidige president Kim Dae Jung de Nobelprijs heeft gewonnen voluit wil doorzetten. Ondertussen staan er iedere dag in de krant wel enkele (vermeende) schavuitenstreken van alle kandidaten. Zo blijkt de zoon van Lee (achteraf) geen misbruik van zijn vaders positie te hebben gemaakt om uit dienst te blijven. Ook de vrouwen worden nu in de strijd geworpen. Kim Young-myoung, de vrouw van Chung kreeg een artikel met foto in de krant waarin ze haar rol als toekomstige first-lady alvast schetste: hoewel ze op dezelfde school had gezeten als Hillary Clinton (!) zou ze zich toch niet zoveel met de staatszaken gaan bemoeien als zij deed. Kortom, het is iedere dag smullen! Volgende keer meer.

Groeten van Jos en Trees
  © 2007 - 2017 zofona.com - Privacy Policy & Disclaimer